Daklekkage: zelf opsporen of direct een dakdekker?
Vanaf zolder en vanaf de grond kom je verrassend ver. Wat je veilig zelf kunt uitzoeken — en waar de grens ligt.
Begin binnen, tijdens de regen. Ga met een zaklamp naar de zolder en volg het waterspoor omhoog: water loopt schuin weg langs balken, het dakbeschot en de folie, dus het gat in het dak zit zelden recht boven de vochtplek op het plafond. Markeer met een potlood waar je het water het hoogst ziet — die aantekening bespaart de dakdekker straks zoektijd.
Kijk daarna buiten, vanaf de grond. Met een verrekijker zie je scheve of ontbrekende pannen, een losse nokvorst of een uitgezakte goot vaak prima staan. Let ook op het patroon: lekt het alleen bij regen mét wind uit één hoek, dan wijst dat naar een aansluiting (dakkapel, dakraam, schoorsteen). Druppels onder een dakraam bij koud, dróóg weer zijn meestal geen lekkage maar condens.
De grens is het dak zelf: klim er niet op zonder zekering of steiger, en blijf weg van brander-, lood- en zinkwerk. Vind je de bron niet, dan is een opsporing door een vakman (€ 90-250) de logische volgende stap — veel bedrijven verrekenen dat bedrag bij het herstel. Een gevonden oorzaak, zoals verschoven pannen, is daarna een overzichtelijke reparatie van € 125-350.
Nog één waarschuwing: na een storm bellen dakhaaien ongevraagd aan met 'we zagen iets aan uw dak'. Ga daar nooit ter plekke op in. Beperk eerst zelf de gevolgschade, maak foto's en vergelijk daarna rustig reacties van gecontroleerde bedrijven — wat de klussen horen te kosten, staat in de prijsindex.
Liever een vakman? Vraag vrijblijvend offertes aan
Gratis · Vrijblijvend · Max. 3 reacties